SureSync Blog

CbC aanleveren via Digipoort: waarom er geen standaard entrypoint is

Geschreven door SureSync | 20 juli 2026

Wie voor het eerst een Country-by-Country rapportage moet indienen bij de Belastingdienst loopt vroeg of laat tegen dezelfde muur aan: de aanlevering gaat via Digipoort, maar een direct beschikbaar entrypoint zoals bij de KVK-jaarrekening is er niet. Voor tax-offices en accountantskantoren die dit namens meerdere multinationale klanten regelen, is dat geen randgeval. Het is de kern van het probleem.

Deze blog legt uit hoe CbC-aanlevering technisch werkt, waarom Digipoort hier anders opereert dan bij SBR-jaarrekeningen, en welke drie routes je in de praktijk kunt kiezen om het proces alsnog werkbaar te maken.

Hoe CbC technisch bij de Belastingdienst binnenkomt

CbC wordt aangeleverd in XML, op basis van het OESO-schema zoals dat is geïmplementeerd door de Belastingdienst. Het bestand bevat per jurisdictie gegevens over omzet, winst vóór belasting, betaalde en verschuldigde winstbelasting, geplaatst kapitaal, gecumuleerde winst, aantal werknemers en materiële activa. De aanlevering verloopt technisch via Digipoort, het generieke berichtenkanaal van de overheid voor gestructureerde uitwisseling.

Zo ver niets bijzonders. Alleen: bij SBR-stromen zoals de KVK-jaarrekening kun je als aanleverende partij via een SBR-softwarepakket met een bekende connectie naar Digipoort aansluiten. Bij CbC ligt dat anders.

Waarom er geen standaard entrypoint is

Digipoort werkt met entrypoints per rapportagestroom. Voor SBR-jaarrekeningen (KVK), voor DORA-meldingen (AFM/DNB) en voor diverse fiscale aangiften zijn die entrypoints publiek gedocumenteerd. Softwareleveranciers weten precies welk aansluitpunt ze moeten adresseren, welke berichtformaten er gelden en welke bevestigingsstromen ze terug kunnen verwachten.

Voor CbC is die publieke documentatie er niet op dezelfde manier. De Belastingdienst ontvangt de rapportages wel via Digipoort, maar de aansluiting is niet ingericht als een open SBR-kanaal waar willekeurige partijen zich op kunnen abonneren. In de praktijk betekent dit dat wie zelf een technische koppeling wil bouwen, een langer en specifieker traject in moet dan bij SBR gebruikelijk is.

Dat is geen kwestie van onwil, maar van beleid. CbC is vertrouwelijk fiscaal materiaal met specifieke uitwisselingsafspraken tussen belastingautoriteiten. De toegang is daarom strakker afgebakend dan bij openbare deponeringen.

De drie routes die kantoren nu gebruiken

In de praktijk zien we drie manieren waarop tax-offices en accountantskantoren hun CbC-aanlevering regelen. Elke route heeft zijn eigen trade-offs.

Route 1: zelf een Digipoort-koppeling bouwen

Sommige kantoren kiezen ervoor zelf de technische aansluiting te realiseren. Dat vraagt om een certificaatinfrastructuur (PKIoverheid), afspraken met de Belastingdienst over de aanlevering, en een eigen validatie- en logging-omgeving.

Werkbaar? Ja, technisch is het te doen. Rendabel? Alleen als je een aanzienlijk aanleververkeer hebt en de kennis in huis kunt houden. Voor een kantoor dat voor vijf tot twintig klanten aanlevert, staan de kosten en beheerslast doorgaans niet in verhouding tot het volume. Elke schemawijziging vanuit de Belastingdienst komt bovendien op je eigen bordje.

Route 2: de klant zelf laten aanleveren

Sommige kantoren leveren de gevalideerde XML aan hun klant en laten die de indiening zelf verzorgen. In theorie schuif je de technische last weg. In de praktijk creëer je een grijs gebied: als er iets misgaat bij de indiening, wie is dan verantwoordelijk? En hoe reconstrueer je bij een vraag van de Belastingdienst welke versie precies is verstuurd?

Deze route werkt voor grote multinationals met een sterke interne tax- en IT-functie. Voor de meeste kantoorportefeuilles is het geen structurele oplossing. Klanten kiezen juist voor een tax-office omdat ze de compliance niet zelf willen dragen.

Route 3: aanleveren via een dienstverlener met bestaande koppeling

De derde route is aansluiten op een partij die de Digipoort-koppeling voor CbC al operationeel heeft. Jij levert de gevalideerde XML aan in een portaal, de dienstverlener verzorgt de daadwerkelijke aanlevering, de validatie tegen het schema en de terugkoppeling naar jou.

De trade-off zit hier vooral in de keuze van dienstverlener: heeft die partij een echte technische koppeling of alleen een handmatig upload-scherm? Is de audit trail per rapportage bruikbaar in een klantdossier? En kun je in één omgeving voor meerdere klanten werken zonder dat rechten door elkaar lopen?

Wat te controleren bij een dienstverlener

Als je Route 3 overweegt, zijn dit de vragen die je in een eerste gesprek moet stellen:

  • Is de Digipoort-koppeling voor CbC daadwerkelijk operationeel of nog in ontwikkeling?
  • Wordt de XML vóór aanlevering gevalideerd tegen het actuele CbC-schema van de Belastingdienst?
  • Komt de ontvangstbevestiging van de Belastingdienst terug in het portaal, zichtbaar per rapportage?
  • Kun je binnen één account voor meerdere klanten werken, met gescheiden rechten en dossiers?
  • Wordt elke wijziging vastgelegd in een audit trail die je bij een controle kunt overleggen?
  • Wat gebeurt er bij schemawijzigingen vanuit de Belastingdienst: verwerkt de dienstverlener die automatisch, of moet je zelf actie ondernemen?

Wie op deze zes punten geen concreet antwoord krijgt, kiest een dienstverlener die voor CbC feitelijk op Route 2 leunt met een portaaltje ervoor.

Waar SureSync in past

SureSync verzorgt Route 3 voor CbC: gevalideerde aanlevering aan de Belastingdienst via een operationele Digipoort-koppeling, in één portaal waarin tax-offices en accountantskantoren voor meerdere klanten kunnen werken. Elke aanlevering wordt gevalideerd tegen het geldende CbC-schema, statusupdates komen terug in het portaal en de audit trail is per rapportage opvraagbaar. Meer informatie vind je op onze pagina over CbC-aanlevering of plan een gesprek met onze experts.