De EHDS was lange tijd vooral een verordening vol doelen en principes. Daar komt nu verandering in. Data voor gezondheid meldde op 12 oktober dat de Europese Commissie de eerste drie inhoudelijke uitvoeringshandelingen heeft gepubliceerd. Voor het eerst staat zwart op wit wat er technisch en organisatorisch wordt verwacht en vanaf welke datum. De meeste aandacht gaat uit naar grensoverschrijdende uitwisseling. Wij denken dat voor veel Nederlandse zorgorganisaties een ander onderdeel de grootste impact heeft: de plicht om datasets gestandaardiseerd te beschrijven.
De uitvoeringshandelingen werken elk een ander deel van de EHDS uit:
Volgens Data voor gezondheid vraagt dit van Nederland concrete voorbereiding: nationale identificatiegegevens, aansluiting op Europese identiteitsvoorzieningen, testen via het Nederlandse contactpunt en standaardisatie van metadata. Er volgen de komende jaren nog meer uitvoeringshandelingen.
Grensoverschrijdende uitwisseling is vooral een opgave voor de landelijke infrastructuur en de EPD-leveranciers. Artikel 77 raakt de datahouder zelf. Een dataset beschrijven klinkt als een administratieve klus, maar je kunt alleen beschrijven wat je kent. Waar komen de gegevens vandaan? Welke definities zijn gebruikt? Over welke periode en welke populatie gaat het? Wie mag erbij en onder welke voorwaarden?
In de Zorgmonitor van september bespraken we Nivel-onderzoek onder beheerders van zorgdata. Daaruit bleek dat de FAIR-principes breed worden onderschreven, maar dat machineleesbare metadata en vindbaarheid achterblijven. Artikel 77 maakt van die ambitie een verplichting, in elk geval voor de vindbaarheid. Er zit ook een valkuil in. Een catalogus toont datasets naast elkaar en suggereert daarmee vergelijkbaarheid. Als twee organisaties hetzelfde begrip verschillend registreren, maakt een keurige HealthDCAT-AP-beschrijving dat verschil niet kleiner. Hij maakt het hooguit beter zichtbaar. Goede metadata begint dus bij goede, eenduidige registratie aan de bron.
In september schreven we dat de Cyberbeveiligingswet bestuurders dwingt om te weten welke gegevens waar staan. De EHDS vraagt om hetzelfde overzicht, maar dan met een extra laag: per dataset vastleggen wat erin zit, hoe het is ontstaan en onder welke voorwaarden het bruikbaar is. In veel organisaties zit die kennis nu verspreid over losse documenten en een paar sleutelfiguren. Wie dat vandaag gestructureerd vastlegt, gebruikt het één keer voor drie doelen: informatiebeveiliging, verantwoording en EHDS-compliance.
Maart 2029 lijkt ver weg. Maar het op orde brengen van datadefinities, eigenaarschap en herkomst is geen project van een paar maanden. Het vraagt om een andere manier van werken met data, en die moet groeien.
Welke Nederlandse datahouders precies onder welke verplichting vallen, wordt nog nationaal uitgewerkt. Wachten op die uitwerking is niet nodig om te beginnen. Vier stappen die nu al waarde opleveren:
Wie dit nu oppakt, heeft in 2029 geen inhaalslag te maken. En profiteert er intussen zelf van: data die goed beschreven is, wordt ook intern beter gebruikt.