Twee berichten in ICT&Health, een week na elkaar, laten dezelfde verschuiving zien. Regio's bouwen niet langer alleen aan hun eigen oplossing. Ze bouwen aan iets wat ook elders bruikbaar moet zijn. Dat is goed nieuws, maar het roept een vraag op die in beide berichten doorklinkt: wie houdt het overeind als de projectfase voorbij is?
Op 24 september meldde ICT&Health dat Midden-Holland, Noordoost-Brabant en Noord- en Midden-Limburg Oost hun regionale initiatieven voor databeschikbaarheid gaan afstemmen. De regio's leggen hun roadmaps naast elkaar en verdelen de ontwikkeling van toepassingen, bijvoorbeeld voor proactieve zorgplanning, dementiezorg en netwerken rond mentale gezondheid. Wat de ene regio bouwt, kan de andere later overnemen. KPN Health levert in alle drie de regio's de technische basis via Health Exchange. De ervaringen moeten bijdragen aan het Landelijk dekkend netwerk, waarbij CumuluZ de groei naar een landelijk netwerk bewaakt.
Op 2 oktober volgde een bericht over Twente en de Achterhoek. Daar werken 27 zorgorganisaties via ZorgDataPunt aan een regionale data-infrastructuur die naast directe patiëntenzorg ook structureel bruikbaar is voor onderzoek en innovatie. ZorgDataPunt bouwt voort op de bestaande regionale uitwisseling Versneld Verbinden en houdt rekening met de toekomstige EHDS-regels. Onderzoekers hoeven zo niet voor elk onderzoek een nieuwe dataomgeving op te zetten. De eerste toepassingen gaan over herstel na operaties, hartfalen en het voorspellen van achteruitgang met AI.
In beide berichten valt op dat de betrokken partijen niet alleen over techniek praten. Ze werken ook aan afspraken over gegevens, verantwoordelijkheden en financiering. Dat is terecht. Een toepassing voor dementiezorg die in Brabant werkt, werkt in Limburg alleen als de onderliggende gegevens daar hetzelfde betekenen. In de Zorgmonitor van september schreven we over de vergelijking tussen KIK-V en RSO Trijn. De les daar was dezelfde: regio's schalen op als ze dezelfde definities en standaarden delen. Een gedeelde infrastructuur is een voorwaarde. Gedeelde betekenis van de data is wat hergebruik werkelijk mogelijk maakt.
Twente zet daarnaast een stap die nog weinig regio's zetten: primair en secundair gebruik op dezelfde infrastructuur. Dat is efficiënt, want gegevens worden één keer vastgelegd en meerdere keren benut. Het vraagt wel extra werk. Voor onderzoek zijn goede datasetbeschrijvingen, pseudonimisering en heldere toegangsregels nodig. Dat sluit direct aan op de EHDS-eisen voor het beschrijven van datasets.
De partners in Twente onderzoeken nu welke randvoorwaarden en welke organisatievorm nodig zijn om ZorgDataPunt na de Regiodeal voort te zetten. Die vraag is niet uniek voor Twente. Onderzoek van KPMG in opdracht van de NVZ, gepubliceerd op 6 oktober, laat zien waar het in ziekenhuizen knelt. Voor nieuwe digitale toepassingen is vaak tijdelijk geld beschikbaar, maar beheer en doorontwikkeling komen daarna grotendeels voor rekening van de instelling. Ruim driekwart van de CIO's heeft nauwelijks zicht op de bekostiging na afloop van tijdelijke financiering. Regionale data-infrastructuren lopen hetzelfde risico, met als extra complicatie dat er meerdere organisaties moeten meebetalen.
Onze les: neem de borging vanaf dag één mee in het ontwerp. Wie is eigenaar van de infrastructuur en van de toepassingen? Wat kost beheer per jaar, en wie betaalt dat? Wat gebeurt er met de data als een deelnemer uitstapt? Een regionaal initiatief dat deze vragen pas aan het eind stelt, bouwt iets wat na de subsidie stil kan vallen.
Voor organisaties die deelnemen aan een regionaal initiatief of dat overwegen, zijn er drie aandachtspunten:
Regionale initiatieven zijn geen alternatief voor het landelijke netwerk. Ze zijn de plek waar dat netwerk in de praktijk wordt getest. Hoe beter ze nu op elkaar aansluiten, hoe kleiner de inhaalslag straks.
Dit artikel is gebaseerd op 'Drie regio's bouwen samen aan databeschikbaarheid in de zorg' van ICT&Health, gepubliceerd op 24 september 2026, en 'Regionale samenwerking in Twente verbindt zorgdata voor passende zorg' van ICT&Health, gepubliceerd op 2 oktober 2026. Voor de financieringscijfers gebruikten we 'Structurele financiering cruciaal voor versnelling van digitale transformatie' van de NVZ, gepubliceerd op 6 oktober 2026.