Choose language

Een KIK-V datastation kiezen voor de VVT: waar zit het echte verschil?

Je hebt bepaald dat je aanhaakt op KIK-V. Je hebt je aangemeld voor de kosteloze data-analyse via AAG of Infozorg, of je zit al iets verder in het proces. Nu de volgende vraag: welk datastation kies je? Op papier lijken de opties op elkaar. Iedereen belooft KIK-V-compliance, veilige data-uitwisseling en een goede audit trail. Dat is ook het minimum dat het afsprakenstelsel vereist. Onder die minimumlijn zit veel ruimte voor verschil. Zes vragen die je in elk selectiegesprek zou stellen.

1. Blijft de data bij mij, of gaat die naar de leverancier?

De KIK-V-standaard schrijft federatief data delen voor. Concreet: je data blijft in je eigen omgeving, wordt tijdelijk verwerkt in het datastation en pas na jouw expliciete akkoord gedeeld met de ketenpartner die erom vraagt. Geen centrale datawarehouse bij de leverancier, geen data die stiekem verhuist.

Dat klinkt vanzelfsprekend, maar sommige oplossingen kiezen voor een architectuur waarbij een deel van de verwerking centraal bij de leverancier gebeurt. Dat heeft consequenties voor privacy, snelheid en afhankelijkheid. Vraag expliciet: waar staat mijn data, wie kan erbij, en wat gebeurt er als ik overstap?

2. Werkt het met mijn huidige ECD, en met het volgende?

De helft van de VVT-organisaties overweegt de komende jaren een ECD-migratie of heeft die net achter de rug. Een datastation dat vastzit aan één specifiek ECD is een risico. Je wilt niet vandaag twee keuzes tegelijk moeten maken.

Vraag naar de connectorenstrategie. Werkt het datastation met alle gangbare ECD's in de VVT-markt? Wat gebeurt er als je overstapt van het ene ECD naar het andere? Wat kost een maatwerkkoppeling? Als een leverancier hier vaag over is, is dat een signaal.

3. Is dit datastation ook bruikbaar voor wat na KIK-V komt?

KIK-V is niet het eindstation. Er komt regionaal capaciteitsmanagement aan, de aansluiting op de European Health Data Space, wetenschappelijk onderzoek dat federatieve data-analyse vraagt, en de bredere transitie richting Haal Centraal. De organisaties die nu een datastation kiezen alleen voor KIK-V, staan over drie jaar weer opnieuw voor een keuze.

Vraag naar de roadmap. Kan het platform ook andere dataspaces bedienen? Welke andere ketenprocessen ondersteunt het? Wat is de architectuur ontworpen op: één specifieke gegevensuitwisseling of federatief data delen in bredere zin?

4. Wie werkt mee aan het KIK-V-afsprakenstelsel zelf?

Er is verschil tussen een leverancier die een KIK-V-oplossing bouwt en een leverancier die meewerkt aan de doorontwikkeling van KIK-V. Het eerste is een technisch product. Het tweede is toegang tot het wat en het waarom achter de standaard, en daarmee tot betere implementaties en snellere aanpassingen als de standaard verandert.

Vraag naar de sectorverankering. Wie zijn de klanten in de zorgsector? Werkt de leverancier samen met Zorginstituut Nederland aan het afsprakenstelsel? Wat is hun rol in de bredere ontwikkeling van gegevensuitwisseling in de zorg?

5. Wie voert het implementatietraject regionaal uit?

Een datastation implementeren is meer dan software installeren. Er komt datawerk bij, koppelingen, validatie, testen met ketenpartners. Voor de meeste VVT-organisaties is dat niet iets wat je erbij doet naast de dagelijkse operatie. Je wilt weten wie er in de regio schouder aan schouder met jouw team aan tafel zit.

Vraag naar het partnerlandschap. Werkt de leverancier samen met AAG en Infozorg, de officiële implementatiepartners van het KIK-V-programma? Zijn er implementatiepartners in jouw regio? Kan een implementatie parallel lopen aan een ECD-migratie of andere trajecten?

6. Zie ik wat er wordt gedeeld voordat het gedeeld wordt?

Voor het eerst kunnen ketenpartners rechtstreeks gegevens uit je bronsystemen krijgen. Dat is efficiënt, maar het vraagt ook: kun je zien wat er wordt gedeeld, en hoe die getallen tot stand komen, voordat je akkoord geeft?

Vraag naar de validatie- en inzichtfunctionaliteit. Is er een dashboard waar je op datapuntniveau kunt zien hoe berekeningen tot stand komen? Kun je datakwaliteit toetsen voordat je uitwisselt? Wat gebeurt er als een bronsysteem onvolledige data levert?

Het verschil zit in de gesprekken

De zes vragen hierboven kun je aan elke leverancier stellen. Wat je terugkrijgt, verschilt sterk. Sommige leveranciers hebben een helder antwoord op alle zes. Andere hebben een goed antwoord op twee en ontwijken de rest. Dat is precies de informatie die je nodig hebt om te kiezen. Bij SureSync hebben we deze zes vragen ook aan onszelf gesteld. Wil je onze antwoorden horen? Plan een kennismaking in, dan gaan we ze langs.

Meer over KIK-V:

Related blog posts